bhg.skip_to_content.title
bhg.common.brussels_region_homepage

De toekomst van het Europese cohesiebeleid besproken in Dublin

Boris Dilliès, minister-president van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG), vertegenwoordigde België op de informele bijeenkomst van de Europese ministers bevoegd voor cohesiebeleid, op 15 september 2026 in Dublin. Ter voorbereiding van die deelname verrichtten Brussels International en de Delegatie van het BHG bij de Europese Unie (EU) omvangrijk voorbereidend werk.

bhg.news.published_on
De hoofdrolspelers schudden elkaar de hand voor de achtergrond met de huisstijl van het Ierse voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie.

Boris Dilliès, Brussels minister-president, en Jack Chambers, Iers minister van Overheidsuitgaven, Infrastructuur, Hervorming van de Openbare Dienst en Digitalisering, in de marge van de informele bijeenkomst van de Europese ministers bevoegd voor cohesiebeleid – © Europese Unie

De bhg.common.external_link_warninginformele bijeenkomst van de EU-ministers bevoegd voor cohesiebeleid, op 15 september 2026 in Dublin, was gewijd aan de toekomst van het Europese cohesiebeleid na 2027 en aan het toekomstige uitvoeringskader voor de Europese fondsen.

Een Belgisch standpunt, uitgewerkt in overleg

Voor aangelegenheden die onder de gewestelijke bevoegdheden vallen, neemt België in de bhg.common.external_link_warningRaad van de EU het woord op basis van een standpunt dat tussen de verschillende overheden van het land wordt gecoördineerd.

In die context volgde de Delegatie van het BHG bij de EU de Europese onderhandelingen op en droeg ze, in nauwe samenwerking met Brussels International, de gewestelijke besturen en het bhg.common.external_link_warningkabinet van de minister-president, bij tot de voorbereiding van een coherent Belgisch standpunt, waarbij erover werd gewaakt dat de Brusselse prioriteiten in aanmerking werden genomen.

Een concrete inzet voor Brussel

Voor Brussel zijn de debatten over de toekomst van het cohesiebeleid allesbehalve theoretisch. bhg.common.external_link_warningVoor de periode 2021-2027 vertegenwoordigen de Europese fondsen immers verscheidene honderden miljoenen euro aan investeringen die bijdragen tot de economische, sociale en stedelijke ontwikkeling van het Gewest.

Die middelen ondersteunen concrete projecten zoals bhg.common.external_link_warningUsquare, dat de voormalige Kazerne van Elsene omvormt tot een pool voor innovatie en hoger onderwijs, of bhg.common.external_link_warningGreenbizz, het ecosysteem voor duurzaam ondernemerschap en circulaire economie. Daarnaast dragen ze bij tot tal van opleidings- en inschakelingsprogramma’s op de arbeidsmarkt.

De beslissingen die momenteel op Europees niveau worden besproken, zullen dus een rechtstreekse impact hebben op de investeringen die na 2027 in Brussel kunnen worden gerealiseerd.

Buitenaanzicht van de Usquare-site langs de Generaal Jacqueslaan in Brussel

Het Brusselse project Usquare, gerealiseerd in het kader van de EFRO-programmering 2014-2020 – © Yannick Coppens – GOB

De stem van de gewesten laten horen

In Dublin pleitte Brussels minister-president Boris Dilliès voor een cohesiebeleid dat rekening houdt met de territoriale realiteit, een sterke betrokkenheid van de gewestelijke overheden bij het beheer van de fondsen en een vereenvoudiging van de uitvoeringsregels.

Die prioriteiten zijn bijzonder belangrijk voor Brussel. Als hoofdstedelijk gewest, internationale metropool en zetel van de Europese instellingen staat het BHG immers voor specifieke uitdagingen op het vlak van stedelijke ontwikkeling, innovatie, mobiliteit en sociale inclusie.

Dagelijks Europees werk

De bijeenkomst in Dublin illustreert ook de rol die de Delegatie van het BHG bij de EU dagelijks vervult.

Naast de institutionele vertegenwoordiging volgen haar teams de Europese onderhandelingen op, leveren ze input voor de Belgische coördinatie en helpen ze de Brusselse prioriteiten te laten gelden in strategische Europese dossiers.

Het cohesiebeleid is daar een concreet voorbeeld van: achter elke ministeriële tussenkomst schuilt omvangrijk voorbereidings- en overlegwerk, zodat Brussel kan bijdragen tot het Belgische standpunt en kan anticiperen op de Europese beslissingen die zijn ontwikkeling zullen bepalen.

De deelnemers aan de bijeenkomst, gezeten in een conferentiezaal

De informele bijeenkomst van de Europese ministers bevoegd voor cohesiebeleid, op 15 september 2026 in Dublin – © Europese Unie